Free Software, Public Domain and Digital Commons (continuation)

Richard Stallman’s dismisses proprietary software for a good reason but his recommendations are only followed by ICT experts. Let us have a closer look.

Professional software versus software for the masses

The market share for operating systems for desktop computers of MS Windows is actually 91,2%. Apple has 5,27% while GNU like systems take only 3,61% . Apple OS and Android dominate mobile devices, with 47,06% for Android, 43,83% for Apple and only 2,38 for MSWindows. Though Android is a GNU like system it isn’t free software as to Richard Stallman:

Google has complied with the requirements of the GNU General Public License for Linux, but the Apache license on the rest of Android does not require source release. Google said it would never publish the source code of Android 3.0 (aside from Linux). Android 3.1 source code was also withheld, making Android 3, apart from Linux, nonfree software pure and simple.

So  strictly there is no relevant1 free software for smart-phones. Even the OS of the Fairphone is based on Google’s Android 4.2 Jelly Bean. Fairphone_back_inside_sim_slots_03 The market share of public servers, web-servers and firewall systems shows a quite different picture. Web-servers use Linux for 38.6% and only for 32,6% MSWindows. When security is involved Linux is used for 58-78% while only 18-38% MSWindows. Continue reading Free Software, Public Domain and Digital Commons (continuation)

Free Software, Public Domain and Digital Commons

Since fuzziness and mythology are the ubiquitous ingredients of internet content we need solid definitions. The Free Software Foundation defines free software as follows:

“A program is free software if the program’s users have the four essential freedoms:

  • The freedom to run the program as you wish, for any purpose (freedom 0).
  • The freedom to study how the program works, and change it so it does your computing as you wish (freedom 1). Access to the source code is a precondition for this.
  • The freedom to redistribute copies so you can help your neighbor (freedom 2).
  • The freedom to distribute copies of your modified versions to others (freedom 3). By doing this you can give the whole community a chance to benefit from your changes. Access to the source code is a precondition for this.

 

FreeSoftwareFoundation

Richard Stallman  is the initiator of free software movement since 1983 and the writer of the GNU licence. He is also an experienced software developer. Stallman explains that proprietary software, the commercial software used on home computers and smart phones, like MacOS, MSWindows, Itunes, Facebook, Amazon is often malware.

Proprietary software is often malware

Continue reading Free Software, Public Domain and Digital Commons

The biological implications of Electronic media use

“We are constantly connected with the world and the price we pay is that we interact with it less, as we are increasingly less able to do so.” (Manfred Spitzer, 2012)

Electronic media and face to face interaction

C. Wright Mills has instructed us that historical perspective and background next to the analysis and awareness of a representative sample of personal histories are the main resources in sociology, we tend to forget history and background when talking about computers and Internet. So when looking for the social impact of digital social networks, the historical impact of television and other electronic media is often neglected. When Internet started to spread in the mid nineties, television had repulsed community life already, largely pocketing face to face communication and impoverishing community life (Aric Sigman, 2009).

Source. Aric Sigman, Well Connected
Source. Aric Sigman, Well Connected

Continue reading The biological implications of Electronic media use

Clictivism, the polution of activism with the logic of Silicon Valley

real democracy now!

Author: Micah White

A battle is raging for the soul of activism. It is a struggle between digital activists, who have adopted the logic of the marketplace, and those organisers who vehemently oppose the marketisation of social change. At stake is the possibility of an emancipatory revolution in our lifetimes.

Occupy_Wall_Street_Logo

View original post 850 more words

Edward_Snowden

Virtual interview with Edward Snowden on 11/10/2014

Some quotes:

“When you say, ‘I have nothing to hide,’ you’re saying, ‘I don’t care about this right.’ You’re saying, ‘I don’t have this right, because I’ve got to the point where I have to justify it.’ The way rights work is, the government has to justify its intrusion into your rights.”

Continue reading Virtual interview with Edward Snowden on 11/10/2014

NSA_Offices

Not on a Social Network? You’ve Still Got a Privacy Problem

Privacy not my problem

When you discuss about privacy in a heteronymous group, there will always be at least one who states he/she has nothing to hide because he/she does nothing wrong. There are still people that cannot afford to be on the Net but some choose deliberately to ignore social networks and claim that privacy is not their problem either. But both categories are mistaken.

The_Bureau Continue reading Not on a Social Network? You’ve Still Got a Privacy Problem

Facebook vergadering met drag queens

Een sociaal netwerk is geen sociale gemeenschap

Last update 13/10/2014

Argumenten

Sociale netwerken zoals Facebook, Twitter, Flickr, Pinterest hebben hun ontstaan te danken aan het netwerk effect en het bandwagon effect. Ze blijven overeind dank zij een business model met een verborgen agenda.

Maar er zijn echter ook anti-netwerk effecten waardoor het digitale sociale netwerk vroeg of laat zal desintegreren. Netwerken zijn vluchtig en hangen soms maar als los zand aan elkaar.

De gebruikers van het digitale sociale netwerk zijn geen partij in de besluitvorming-processen over het netwerk, waardoor de deur wagenwijd open staat voor manipulatie door de beheerders van het netwerk. De vraag die moet gesteld worden is wie bezit en beheert de servers van het netwerk (Fuster Morell, 2010).

Het sociaal netwerk wordt beheerd door een externe partij die zijn regels opdringt zonder verantwoording. De regels veranderen om de haverklap, ‘frictionless’. Maar zelfs dat is geen garantie voor de toepassing ervan.  De willekeur is troef.

Om protesten van gebruikers te counteren maakt men de ‘policy statements’ steeds langer en ingewikkelder en snijdt men zo elke  transparantie de pas af (Fuchs, 2011). Privacy is de laatste zorg van de sociale netwerkbeheerders en dat geven Zückerberg (Facebook) en Smit  (Google) ook zelf toe.  De Facebook dotcrine: hoe meer privacy-settings, hoe minder privacy.

Maar de manipulatie gaat nog verder volgens Tim Herera, FB toont enkel die postings van vrienden die interessant zijn voor hun doeleinden, adds slijten (Herera, 2014). En Facebook zette een grote experimentele studie op waaruit bleek dat ze de emoties van de gebruikers kunnen beïnvloeden (Kramera et al., 2014). En reken maar dat ze dat doen, dagelijks (Tufecki, 2014).

De relaties op sociale netwerken als Twitter en Facebook neigen naar hiërarchie binnen het netwerk. De interactie vind dikwijls in een richting plaats, volgen van een idool die zijn fans bespeelt.

Er is een grens aan het aantal vriendschapsrelaties dat iemand kan onderhouden. Die grens wordt op sociale netwerksites grandioos overschreden zonder dat we het in de gaten hebben. Daarom  zijn de meerderheid van de relaties er oppervlakkig, en is maar een klein deel van die relaties interactief in de twee richtingen. In feite zijn het dus een ingebeelde gemeenschappen die niet werken.

Een gemeenschap bestaat niet buiten zijn activiteit

Een actieve gemeenschap is niet noodzakelijk een gemeenschap die samenwerkt,  maar wel een gemeenschap die tot samenwerken in staat is als de leden van die gemeenschap dat nodig vinden en daartoe besluiten. Met deze definitie sluit ik meteen ook elk manipulatief gebruik van het woord gemeenschap uit.

Over samenwerken en de factoren die het succes van die samenwerking verzekeren kan veel gezegd worden. Twee Wikipedia pagina’s geven enkele referenties voor verdere exploratie, zie ‘Social collaboration‘ en ‘Community building‘. Een intensieve vorm van samenwerken is co-creatie (in English co-creation).

Het woord ‘community’ wint in alle geval gestaag aan populariteit zoals je in de uitgebreide Google definitie kan zien. Dit is ironisch, want volgens  sociologen zoals Putman gaat de sociale cohesie gestaag achteruit.

Gebruik van het woord 'community' in de tijd
Gebruik van het woord ‘community’ in de tijd

Continue reading Een sociaal netwerk is geen sociale gemeenschap